Overslaan en naar de inhoud gaan
#Corporate M&A #Commercial Law

Mag u als bestuurder concurreren met de vennootschap waarin u dit mandaat opneemt?

donderdag 03/09/2020

Kan een bestuurder van een vennootschap tijdens maar ook na de beëindiging van zijn bestuursmandaat activiteiten uitoefenen die concurrerend zijn met die van de vennootschap? Het Hof van Cassatie gaf in haar arrest van 25 juni 2020 (C.18.0144.N/1) enkele duidelijke principes mee.

Nieuwe principes door Hof van Cassatie 

Het Belgisch recht voorziet niet in een wettelijke bepaling die aan bestuurders van een vennootschap een concurrentieverbod oplegt. Toch wordt op basis van de aanvullende werking van de goede trouw aangenomen dat er een concurrentieverbod rust op bestuurders tijdens de uitoefening van hun bestuurdersmandaat.

De verplichting van een bestuurder om zijn mandaat te goeder trouw uit te voeren, brengt met zich mee dat de bestuurder ten aanzien van de vennootschap gehouden is door een loyauteitsverplichting en dus ook door een niet-concurrentieverplichting. Zolang een bestuurder een mandaat uitoefent in een vennootschap, mag hij geen activiteiten uitoefenen die concurreren met de door de vennootschap uitgeoefende activiteiten, tenzij hierover andere afspraken gemaakt worden. Dit principe wordt door het Hof bevestigd.

Een meer prangende vraag is wat er nu gebeurt met het concurrentieverbod na de beëindiging van het bestuursmandaat. Mag een bestuurder de dag na zijn ontslag concurrerende activiteiten voeren?

Het Hof van Beroep van Antwerpen stelde in haar arrest van 9 november 2017 dat ook na de beëindiging van de bestuurdersovereenkomst een nawerking van de goede trouw aanvaard wordt. Om die reden bleef volgens het Hof de loyauteitsplicht en dus ook het concurrentieverbod nog voor een beperkte tijd na de beëindiging van het bestuursmandaat behouden, ook wanneer er in de bestuurdersovereenkomst geen (geldig) concurrentieverbod werd opgenomen.

Het Hof van Cassatie heeft het arrest van het Hof van Beroep van Antwerpen nu vernietigd.

Het Hof oordeelt in haar arrest van 25 juni 2020 resoluut dat de loyauteitsplicht en dus ook het concurrentieverbod een einde neemt bij het beëindigen van het bestuursmandaat. Er rust dus geen post-contractueel concurrentieverbod op een gewezen bestuurder van een vennootschap. De gewezen bestuurder dient zich wel nog steeds te onthouden van het stellen van daden van oneerlijke mededinging. De vennootschap en de bestuurder kunnen bij het sluiten van de bestuurdersovereenkomst wel een concurrentieverbod voorzien dat doorwerkt na de beëindiging van het bestuurdersmandaat.

Het gebrek aan een duidelijke wettelijke regeling zorgt voor rechtsonzekerheid bij zowel de vennootschap als de (gewezen) bestuurder. Het Hof van Cassatie heeft getracht deze onzekerheid te remediëren door het geven van duidelijke principes. Voor de bestuurder is het raadzaam voorzichtig te zijn bij het uitvoeren van concurrerende activiteiten zowel tijdens als na de beëindiging van het bestuursmandaat. Voor de vennootschap is het van belang om duidelijke afspraken te maken in de overeenkomst omtrent het post-contractueel concurrentieverbod.

Voor verdere vragen omtrent dit onderwerp kan u steeds terecht bij ons Corporate en M&A team:

Neem contact op met één van onze advocaten

Lars Raedschelders

Lars Raedschelders

Partner

Contacteer
Tom Vanraes

Tom Vanraes

Managing Partner

Contacteer
Floris D'Hollander

Floris D'Hollander

Associate

Contacteer